(WegWijs mei/juni 2014, jaargang 68, nr 3)
Veel christenen geven hun stem aan een partij als de PVV; enkelen van hen zijn bereid om deze partij actief te ondersteunen. Ze zijn zowel afkomstig uit de evangelische beweging als ook uit de orthodox–protestantse kerken. Deze mensen zijn zo bang dat de islam het leven in ons land zal overvleugelen dat ze er niet voor terugdeinzen een dubieus verbond te sluiten tussen christelijk geloof en liberale politiek.
Om het gesprek over dit onderwerp boven het niveau van ‘borrelpraat’ te tillen, is het nodig aandacht te geven aan de levensbeschouwelijke achtergronden van de verschillende partijen in Nederland. Het gaat nu vooral over de verhouding kerk/moskee en staat.
Je kunt grofweg drie opstellingen onderscheiden:
| Er wordt gezegd dat een partij als de SGP ook voor een theocratische overheid is. Laten we daarbij wel bedenken dat de SGP absoluut geen theocratie voor ogen staat zoals in een land als Iran. Het is waar dat de SGP vasthoudt aan de in 1905 uit artikel 36 NGB geschrapte woorden. U kunt ze in een voetnoot terugvinden. Tegelijk moet worden gezegd dat de SGP absoluut vasthoudt aan de eigen verantwoordelijkheden van kerk en staat. De PVV is voor een neutrale overheid. Wel is het mij opgevallen dat de PVV artikel 23 van de Grondwet inzake het bijzonder onderwijs wil handhaven. |
Vermenging van machten
Vaak wordt gezegd dat het volk Israël onder de oude bedeling theocratisch werd geregeerd.
Betekende dit dat de priesters het voor het zeggen hadden en dat de koningen naar hen moesten luisteren? Nee, ook Israël kende een nadrukkelijk onderscheid tussen koning en priester. En de koning diende zich te houden aan de koningswet (Deut. 17:14-20). De koning mocht geen offers brengen en de priester mocht niet op de troon gaan zitten. Met deze voorschriften heeft God duidelijk gemaakt dat het koningschap en het priesterschap niet in de hand van één mens kunnen worden gelegd.
Deze combinatie is alleen veilig in de hand van Jezus Christus, de koning-priester naar de ordening van Melchisedek.
De geschiedenis van de wereld laat dit ook zien. Kijk naar de strijd om de macht tussen de paus en de keizer waaronder de middeleeuwse kerk zwaar heeft geleden.
En het is deze vermenging van machten die de islam sterk stempelt en tot een in principe intolerante religie maakt. Dat zie je niet alleen in landen als Iran en Saoedi-Arabië, maar ook in Turkije, waar een Ministerie van Godsdienstzaken een dikke vinger in de pap heeft (Turkije kent officieel de scheiding van kerk en staat).
Er is nog een andere weg, in deze tijd bepleit door de Engelse Oliver O’Donovan. Als Anglicaans theoloog komt hij mijns inziens heel dicht uit bij de belijdenis van artikel 36 NGB.
Typerend voor O’Donovan is dat hij de kerk ziet als een politieke werkelijkheid, die geroepen is zich rechtstreeks te bemoeien met de politiek. (Hoe hij de positie van de christelijke partijen ziet is mij niet duidelijk. Dat heeft ongetwijfeld te maken met de politieke verhoudingen in Engeland.)
| Haar taak is niet alleen zorg te dragen voor de openbare orde en daarover te waken, maar ook de heilige dienst van de kerk te beschermen om te weren en uit te roeien alle afgoderij en valschen godsdienst, om het rijk van den antichrist te gronde te werpen. De Generale Synode van Utrecht 1905 verwijderde echter het laatste vetgedrukte gedeelte. |
In de praktijk betekent dit ondermeer dat er een wettelijke bepaling geldt dat een kermis op zondag niet mag starten vóór twaalf uur om te voorkomen dat de kerkdiensten worden gehinderd.
Een andere uitwerking is dat de kerken hun eigen recht mogen volgen in kerkelijke zaken zolang dit recht niet in strijd komt met het statelijk recht.
Wat betekent dit voor de verhouding tot het groeiend aantal moslims in Nederland? Menigeen spreekt over islamisering van de samenleving. Daarmee doelt men op het feit dat het beeld van onze steden niet langer wordt bepaald door kerktorens maar ook door minaretten. Het straatbeeld in bepaalde stadswijken doet soms denken aan een stad in Turkije of Marokko. En verder wanneer ook overheidspersonen een hoofddoek dragen en er aparte loketten komen voor mannen en vrouwen.
Hoe begrijpelijk het ook is dat allerlei ontwikkelingen een gevoel van vervreemding kunnen oproepen – niet te snel moet worden gesproken over islamisering.
Van islamisering kun je strikt gesproken pas spreken wanneer de Nederlandse wet moet wijken voor de islamitische sjarie’a (de religieuze wetgeving van de moslims). En daarvan ken ik in Nederland geen voorbeeld.
Dat neemt overigens niet weg dat er moslims zijn die er wel naar streven dat ook in Nederland de sjarie’a bepalend wordt voor het openbare leven.
Overigens geldt dit beslist niet voor alle moslims. Ook binnen de islam is er heel veel variatie. Net als binnen het christendom is er een breed scala van richtingen variërend van zeer behoudend en traditioneel tot puur vrijzinnig.
Hiermee kom ik wel bij de spannende vraag wat de opvatting is van de ‘ware moslim’. Ik maak nu een zinspeling op de inhoud van de artikelen 27-29 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis waarin kenmerken worden genoemd waaraan de ‘ware christen’ moet voldoen.
Het is altijd heel hachelijk voor een christen om uit te maken welke islamitische stroming het dichtst blijft bij de koran en hadieth (de islamitische traditie).
Ga maar na: welke christen accepteert het dat een moslim hem als niet-ware christen taxeert?
Toch laat een zo objectief mogelijke bestudering van de islam en de geschiedenis van de islam zien dat moslims van huis uit minder oog hebben voor de scheiding tussen geestelijke en wereldlijke macht. En dat het in de aard van de islam ligt het publieke domein te willen overheersen. Met als bijkomend gevolg dat er minder ruimte is voor andere godsdiensten en levensbeschouwingen. Met andere woorden: ook al is er op dit moment geen sprake van islamisering in Nederland, het is wel zaak om ervoor te blijven waken.
| Ik denk hierbij aan de boeken en uitspraken van de bekende moslim theoloog en filosoof Tariq Ramadan. Hij is enerzijds heel positief over de vrijheid die moslims in de westerse wereld genieten. Tegelijk ziet hij de islam als een medicijn voor de vele problemen waarmee de vrije westerse wereld worstelt. Hij propageert de islam als ‘een nieuw bezielend verband’. Daardoor moet ook het economische leven in het westen op de schop. |
Een partij als de PVV wil onze grenzen bewaken. Dit klinkt de gemiddelde christen positief in de oren. Als christenen hechten wij ook aan grenzen en nationale verworvenheden (denk aan vrijheid van godsdienst, vrijheid van onderwijs en scheiding van kerk en staat). Tegelijk weten wij ons burgers van het koninkrijk van de hemel.
Ik beweer daarmee niet dat een burger van het koninkrijk van de hemel geen oog meer heeft voor de eigen nationaliteit. Wel stel ik met nadruk dat voor een burger van het koninkrijk van de hemel nationale grenzen en paspoorten geen absolute gegevenheden meer zijn.
Toch kent elke christen ten opzichte van moslims een verantwoordelijkheid waarvan een partij als de PVV geen weet heeft.
De eerste taak van de christelijke kerk is het verbreiden van het evangelie van de Heer Jezus Christus. Dat is de uitdaging waarvoor God ons in Nederland stelt in onze contacten met moslims.
Deze verantwoordelijkheid kan ik het beste duidelijk maken aan de hand van een voorval uit het verleden.
| Dit jaar is Sylvador Abdelrahman 14 jaar werkzaam als evangelist in dienst van de Gereformeerde Kerk (Vrijg.) onder de moslims. Sylvador is imam geweest in Soedan maar kwam tot bekering door het lezen van de Bijbel. Dat was hij gaan doen om de christenen nog beter te kunnen bestrijden. Hij heeft buitengewoon veel geleden onder de haat van de moslims. En het scheelde weinig of hij had ook zijn leven verloren. Op uitnodiging van de Nederlandse regering is hij naar Nederland gekomen. Na het volgen van een opleiding is hij aan de slag gegaan als evangelist. Hem is eens de vraag gesteld hoe hij het ervoer dat er zo veel moslims naar Nederland kwamen. Was dat voor hem niet erg beangstigend? We weten dat veel christelijke asielzoekers dat zo ervaren. Zijn antwoord was verrassend. Het klonk ongeveer als volgt: U hebt als christenen nauwelijks kans om de moslims in islamitische landen het evangelie van Jezus Christus te brengen. Toch wilt u dat graag. En u bidt voor de verbreiding van het evangelie onder moslims. God verhoort dit gebed door de moslims nu naar uw land te brengen zodat u ze heel gemakkelijk met het evangelie kunt bereiken. |
Tot slot
In het Nederlands klinkt de mohammedaanse gebedsoproep als volgt:
Allah is de grootste (4x).
Ik getuig dat er geen god is dan Allah (2x).
Ik getuig dat Mohammed de profeet van Allah is (2x).
Komt tot de salaat (het gebed) (2x).
Komt tot het heil (2x).
Allah is de grootste (2x).
Er is geen god dan Allah.
Ik sluit af met de woorden de apostel Petrus (Hand. 4:11, 12): ‘Jezus is de steen die door u, de bouwlieden, vol verachting is weggeworpen, maar die nu de hoeksteen is geworden. Door niemand anders kunnen wij worden gered, want zijn naam is de enige op aarde die de mens redding biedt.’
Lucius W. de Graaff